· 

De boom die transitievergoeding heet groeit

Opschudding in de wereld van het arbeidsrecht

Kort geleden oordeelde de Hoge Raad (klik hier voor de uitspraak) dat ook werknemers die door omstandigheden minder uren moeten gaan werken, recht hebben op een gedeeltelijke transitievergoeding. Dit zorgt voor een verbreding van de kaders omtrent beëindiging van een arbeidsovereenkomst en de daaraan gekoppelde transitievergoeding. Een transitievergoeding wordt ook wel ontslagvergoeding genoemd. 

 

Tot voor kort was het zo dat een werknemer op grond van artikel 7:673 BW in principe recht had op een vergoeding bij ontslag dan wel niet-voortzetting van het contract indien hij twee jaar of langer bij de werkgever een vast of tijdelijk dienstverband had. Met andere woorden: de transitievergoeding geldt wettelijk alléén als de werknemer volledig stopt bij zijn werkgever. Duidelijke taal dus. Toch vond de Algemene Onderwijsbond (AOb) dat hun lid – een leerkracht – recht had op een transitievergoeding, terwijl zij niet volledig stopte met haar werkzaamheden. Wat was er precies aan de hand?

 

De AOb spande een zaak aan voor een docente die vanwege haar gezondheid minder uren moest gaan werken. Normaliter wordt de geldende arbeidsovereenkomst in zo’n geval beëindigd en wordt de werknemer voor minder uren opnieuw in dienst genomen. Dat was ook hier het geval. De leerkracht eiste een transitievergoeding, want – zo was haar gedachte – haar contract was opgezegd. De kantonrechter vond dat ook en gaf haar gelijk, maar in hoger beroep besliste het Hof dat er geen sprake was van het beëindigen van het dienstverband. De leerkracht ging uiteindelijk in cassatie bij de Hoge Raad.

 

De Hoge Raad oordeelde afgelopen vrijdag dat de leerkracht wél recht heeft op een gedeeltelijke vergoeding, omdat:

  • Er sprake is van gedeeltelijk ontslag;
  • Door omstandigheden gedwongen, wordt overgegaan tot vermindering van de arbeidstijd van de werknemer.

De Hoge Raad volgt hiermee niet strak de wet, maar breidt deze uit. Het arbeidsrecht kent namelijk geen gedeeltelijk ontslag en ook geen gedeeltelijke transitievergoeding. Toch vindt de Hoge Raad dat werknemers hier in sommige gevallen wel aanspraak op kunnen maken.

 

De boom die transitievergoeding heet groeit door, met grote gevolgen voor werknemers binnen en buiten het onderwijs. Naar mijn mening een prachtig voorbeeld van rechtsvorming door de Hoge Raad. Het is nu wachten op de werknemers die hier aanspraak op gaan maken bij hun werkgever of de rechter. Ben jij een werknemer die te maken krijgt met (gedeeltelijk) ontslag en wil je aanspraak maken op een transitievergoeding bij de rechter, doe dit dan overigens binnen 3 maanden na het (gedeeltelijke) ontslag!

 

Geschreven door: Yaïra Kempers